Die gedachte liet me niet meer los.
Wat als… mijn moeder niet voor Lily zorgde zoals ze beweerde?
Ik keek Lily strak aan. Haar handen trilden, haar ogen waren rood van het huilen. Ze probeerde nog steeds iets te verbergen, maar het was te laat.
“Waarom eet je dit?” vroeg ik, dit keer zachter, maar met een ondertoon die zelfs mij verraste.
Lily slikte. Haar lippen beefden.
“Het is niets,” fluisterde ze. “Ik had gewoon… honger.”
“Honger?” herhaalde ik ongelovig. “Je hebt een koelkast vol eten. Ik zorg voor alles. Waarom zou je dít eten?”
Ze keek weg.
Dat was het moment waarop ik wist dat er iets ernstig mis was.
Ik zette de kom langzaam op tafel en ging tegenover haar zitten. “Vertel me de waarheid, Lily.”
Er viel een lange stilte. Alleen het zachte gezoem van de koelkast vulde de ruimte.
Toen, eindelijk, begon ze te spreken.
“In het begin… was alles normaal,” zei ze met een breekbare stem. “Je moeder was aardig. Ze kookte voor me, hielp met de baby… Ik dacht echt dat ik geluk had.”
Ik voelde een lichte opluchting. Misschien was het gewoon een misverstand.
Maar die opluchting duurde niet lang.
“Maar na een paar dagen veranderde ze,” ging Lily verder. “Ze begon te klagen. Ze zei dat ik te zwak was, dat ik me aanstelde, dat vrouwen vroeger veel sterker waren na een bevalling.”
Mijn maag draaide zich om.
“Ze begon minder te koken. Soms zei ze dat er geen geld was voor verse ingrediënten… terwijl ik wist dat jij haar genoeg gaf.”