Mijn vingers trilden terwijl ik het bericht opende.
“Dringend: Er is meer dat u moet weten over de nalatenschap.”
Ik slikte.
Tyler trok weer aan mijn jas. “Mama, koud.”
Ik hurkte neer en trok hem tegen me aan. “Nog heel even, lieverd.”
Linda keek ongeduldig op haar horloge. “Ga nu maar. Je maakt het alleen maar moeilijker.”
Moeilijker.
Alsof dit een ongemakkelijke afspraak was en geen breuk in mijn leven.
Ik pakte mijn koffer, propte er haastig wat kleding in en liep naar mijn auto. Mark bewoog nog steeds niet. Geen stap. Geen spijt. Geen uitleg.
Toen ik de deur van de auto opende, hoorde ik achter me Jessica’s stem: “We hebben wat rust nodig in huis.”
Rust.
Ik startte de motor zonder iets te zeggen. Tyler viel stil op de achterbank, zijn knuffel stevig tegen zich aangedrukt.
Pas toen ik de straat uit reed, liet ik mijn tranen toe.
Maar ze duurden niet lang.
Er groeide iets anders in mij.
Geen woede.
Helderheid.
Een uur later zat ik in de wachtruimte van het kantoor van de advocaat van mijn tante. Tyler kleurde aan een kleine tafel. Mijn buik voelde zwaar, maar mijn rug was recht.
De secretaresse glimlachte vriendelijk. “Mevrouw Carter? Meneer Van Dijk kan u nu ontvangen.”
Ik stond op en liep zijn kantoor binnen.
Hij was een man van in de zestig met vriendelijke ogen en een stapel documenten voor zich.
“Gaat u zitten, Emily,” zei hij zacht. “Ik begrijp dat dit een emotionele dag voor u is.”
Dat was een understatement.
“Ik ontving uw bericht,” zei ik. “U zei dat er meer was.”
Hij knikte en schoof een map naar me toe.
“Uw tante Helena heeft u niet alleen een geldbedrag nagelaten. Ze heeft u benoemd tot enige eigenaar van haar vastgoedportefeuille.”
Ik fronste. “Vastgoedportefeuille?”
“Drie verhuurde panden in de binnenstad, volledig afbetaald. Daarnaast een klein bedrijfspand dat momenteel leegstaat.”
Mijn adem stokte.
“Dat… dat moet een vergissing zijn.”
Hij glimlachte licht. “Zeker niet. Uw tante heeft dit vijf jaar geleden zorgvuldig vastgelegd. Ze schreef in haar testament dat u ‘meer in zich had dan men u ooit liet zien’.”
Mijn ogen brandden.
Helena was altijd degene geweest die mij aanmoedigde om te studeren, om plannen te maken, om niet afhankelijk te blijven.
Ik had haar woorden vaak weggelachen.
Nu besefte ik dat zij de enige was geweest die vooruit had gekeken.
“Wat betekent dit concreet?” vroeg ik voorzichtig.
Hij draaide het document naar mij toe.