Marcus’ glimlach versteende. Zijn ogen, die eerder vol zelfverzekerdheid en verwachting hadden gebrand, glommen nu van paniek en ongeloof. Isabella hield zijn hand vast, haar blik strak en kalm, maar de spanning tussen hen was voelbaar. Dr. Leon Fischer keek tussen hen beiden en schraapte zijn keel.
“Volgens het testament,” begon hij langzaam, “heeft uw vader, meneer Marcus, expliciet bepaald dat alleen directe erfgenamen van Clara toegang hebben tot Calderon Technologies en de bijbehorende aandelen. Alle andere bedragen zijn geannuleerd bij een huwelijk dat binnen zes maanden na Clara’s overlijden of het nalaten van testamentaire voorwaarden wordt aangegaan.”
Marcus slikte. Zijn handen begonnen licht te trillen, maar hij probeerde zichzelf groot te houden. “W… wat bedoelt u precies?”
“U bent getrouwd met de erfgename,” zei Fischer, zijn stem streng en precies. “Maar u bent niet Clara. En Isabella is op geen enkele manier een erfgenaam in dit testament. Concreet betekent dit dat u, meneer Marcus, niets van het fortuin zult ontvangen. Geen aandelen. Geen contanten. Uw nieuwe huwelijk verandert daar niets aan.”
Isabella bleef stil. Haar ogen gleden van Fischer naar Marcus en terug. Marcus sloeg een hand voor zijn mond en leunde achterover in zijn stoel. Zijn zorgvuldig opgebouwde plan, al die maanden van strategische flirts, beloften en manipulatie… alles viel in duigen.
Clara, die tot nu toe in stilte had toegekeken, voelde een golf van triomf door zich heen gaan. Ze had de situatie al maanden onder controle, maar het was heerlijk om het effect nu te zien. Ze nam langzaam een slok van haar koffie, haar ogen nooit van Marcus afwendend.
“Dus je dacht echt dat je mij kon omzeilen,” zei ze kalm, bijna fluisterend. “Dat je door met mijn zus te trouwen automatisch rijk zou worden?”
Marcus’ gezicht kleurde rood. “Clara… luister, ik—”
“Nee,” onderbrak ze hem. “Er is niets te luisteren. Je hebt een fout gemaakt. Een fout die je hebt gemaakt door hebzucht en arrogantie. Je dacht dat geld alles was. Maar geld kan je niet slim maken, Marcus. Dat moet je zelf zijn.”