Ella stond daar als versteend. Haar hart bonsde in haar keel, haar handen trilden, terwijl de realiteit langzaam in haar bewustzijn sloop. Alles wat ze dacht te weten over Don Armando – haar rijke, oudere echtgenoot, de man voor wie ze haar vrijheid had opgeofferd – bleek een zorgvuldig geconstrueerde illusie. En nu stond Ethan, de man achter het masker, voor haar, geen greintje ouderdom op zijn gezicht, gespierd, charmant en met ogen die een intensiteit hadden die haar adem deed stokken.
“Waarom… waarom dit?” stamelde ze, haar stem bijna een fluistering.
Ethan zuchtte, een mengeling van vermoeidheid en ernst in zijn houding. “Ella, ik wilde u leren kennen zoals u werkelijk bent. Niet als de vrouw die met een rijkdom trouwt, maar als een persoon, een mens. Ik heb al zo vaak gemerkt dat mensen in mijn wereld niet gezien worden voor wie ze zijn, alleen voor wat ze hebben of kunnen bieden.”
Ella voelde een mengeling van opluchting en wantrouwen. Haar hele huwelijk, de offerbereidheid van haar familie, de angst en de tranen – alles leek op een rare droom. “Dus alles… alles was een leugen?” vroeg ze zachtjes.
“Niet alles,” antwoordde Ethan. “Wat echt was, was dat ik u wilde leren kennen, echt kennen. Alles wat u voelde – uw angst, uw verdriet, uw zorgen om uw familie – dat was echt. Maar de gedaante van Don Armando was nodig om te testen wie u werkelijk bent, zonder het gewicht van mijn naam en rijkdom.”