De vrouw in het donkere pak liep recht op hun tafel af, zonder aarzeling, zonder om zich heen te kijken. De twee mannen achter haar bleven strak in formatie, alsof ze dit vaker hadden gedaan.
Andrew merkte haar pas op toen ze bijna naast hem stond.
“Goedenavond, meneer Bennett,” zei ze kalm.
Zijn glimlach bevroor.
Vanessa trok haar hand langzaam terug van zijn arm.
“Wie bent u?” vroeg Andrew, zichtbaar geïrriteerd maar ook nerveus.
De vrouw haalde een pasje tevoorschijn en hield het kort omhoog. “Mijn naam is Claire Donovan. Ik werk voor de interne onderzoeksafdeling van uw bedrijf.”
Ik zag hoe alle kleur uit zijn gezicht trok.
Naast mij fluisterde Daniel: “Ik zei toch… het spektakel begint nu.”
Claire ging niet zitten. Ze bleef staan, recht, professioneel. “We moeten u verzoeken om met ons mee te komen.”
Andrew lachte ongemakkelijk. “Dit is vast een misverstand. Ik ben hier privé.”
“Dat betwijfelen wij,” antwoordde ze rustig. “U gebruikt momenteel bedrijfsmiddelen voor persoonlijke doeleinden. Bovendien zijn er ernstige vermoedens van financiële onregelmatigheden.”
Vanessa verstijfde.
“Andrew… waar heeft ze het over?” vroeg ze zacht.
Hij keek haar niet aan.
“Ik regel dit,” mompelde hij. “Geef me even.”
Maar Claire was al een stap dichterbij gekomen.
“Het gaat niet alleen om misbruik van middelen,” ging ze verder. “We hebben bewijs dat er meerdere declaraties zijn ingediend voor niet-bestaande zakenreizen. Inclusief reizen die samenvallen met uw ontmoetingen hier in Chicago.”
De woorden hingen zwaar in de lucht.
Ik voelde mijn hart bonzen, maar niet meer van verdriet.
Van woede.
Van helderheid.
Daniel naast me bleef stil, maar ik zag hoe zijn kaak zich aanspande terwijl hij naar Vanessa keek.
“Dit is belachelijk,” zei Andrew nu harder. “Dit is een privéaangelegenheid en—”
“Niet wanneer er bedrijfsfondsen bij betrokken zijn,” onderbrak Claire hem. “We willen dit discreet afhandelen. Maar u moet nu met ons meekomen.”
Het restaurant was inmiddels stilgevallen. Mensen deden alsof ze niet keken, maar iedereen luisterde.
Vanessa stond langzaam op. “Andrew… zeg iets. Klopt dit?”
Hij zweeg.
En dat was antwoord genoeg.