“Wat bedoelt u daarmee?”
Hij keek haar kalm aan.
“Ik bedoel dat dit appartement officieel gesloten moet worden totdat de reparaties klaar zijn.”
Luis’ ogen werden groot.
“Maar… we wonen hier!”
“Precies,” zei Camila’s vader.
Hij sloot de map.
“En daarom heb ik al een tijdelijke oplossing geregeld.”
Hij draaide zich naar Camila.
“De sleutel van het oude appartement van je tante ligt in mijn auto.”
Camila knipperde verbaasd.
“Wat?”
“Ze is vorige maand verhuisd. Het staat leeg. Twee slaapkamers. Lift. Geen vocht in de muren.”
Hij keek weer naar Luis en Rosa.
“Mijn dochter en mijn kleinzoon gaan daar wonen.”
Rosa’s stem werd scherp.
“Dat kunt u niet zomaar beslissen!”
Hij haalde rustig zijn telefoon tevoorschijn.
“Als u wilt, kan ik morgenochtend de inspecteur laten komen.”
Hij keek haar recht aan.
“Dan heeft niemand hier nog een plek om te wonen.”
De stilte die volgde was zwaar.
Luis keek naar de vloer.
Rosa’s handen begonnen licht te trillen.
Na een paar seconden legde ze langzaam de autosleutels op de tafel.
“Dat was… niet nodig,” zei ze kort.
Camila’s vader pakte de sleutels op en gaf ze aan Camila.
“Je auto.”
Camila voelde haar keel dichttrekken.
Voor het eerst in maanden voelde ze zich niet klein.
Niet schuldig.
Niet afhankelijk.
Mateo lachte zacht in haar armen alsof hij begreep dat de spanning in de kamer was veranderd.
Camila’s vader keek nog één keer rond.
“Familie hoort elkaar te helpen,” zei hij rustig.
Toen draaide hij zich naar Camila.
“Kom. Laten we naar huis gaan.”
En voor het eerst sinds lange tijd voelde het woord thuis weer echt.