Mijn hart sloeg een slag over.
“Wat bedoelt u?” vroeg ik met een droge keel.
De directrice glimlachte verdrietig.
“Ze wist het al maanden.”
Ik staarde haar aan.
“Dat kan niet.”
“Toch wel.”
Ze schoof een vel papier naar me toe.
Het was een handgeschreven brief.
Het handschrift trilde hier en daar, maar ik herkende het meteen.
Van haar.
Van mevrouw Van Dijk.