Rhea pakte rustig de hand van beide jongens vast en liep zonder haast de kerk binnen. Geen woede. Geen arrogantie. Alleen waardigheid.
Ze had geen plaats achterin nodig.
Ze nam plaats op de tweede rij.
De jongens zaten keurig naast haar.
Angelica, die inmiddels klaar was om naar het altaar te lopen, merkte de spanning in de ruimte.
“Wat is er aan de hand?” fluisterde ze geïrriteerd.
Niemand antwoordde direct.
Toen keek ze zelf richting de banken.
En ze zag het.
Haar glimlach verstijfde.
“Wie zijn die kinderen?” siste ze.
Mark kon geen woord uitbrengen.
De ceremonie begon, maar de sfeer was niet langer feestelijk.
De priester sprak over liefde, trouw en eerlijkheid. Woorden die zwaarder klonken dan bedoeld.
Marks blik dwaalde steeds af naar de tweeling.
Eén van de jongens keek nieuwsgierig rond. De ander wiebelde zachtjes met zijn benen.
Op een bepaald moment draaide één van hen zich om — recht naar Mark.
Hun blikken kruisten elkaar.
En voor het eerst in jaren voelde Mark geen trots.
Maar twijfel.
Toen kwam het moment waarop de priester vroeg:
“Is er iemand die een wettige reden heeft waarom dit huwelijk niet voltrokken mag worden?”
Normaal een formaliteit.
Maar deze keer stond er iemand op.
Niet Rhea.
Maar een oudere man achterin de kerk.
Het was meneer Alvarez, een gerespecteerde advocaat in de stad.
“Ik heb geen bezwaar tegen het huwelijk zelf,” zei hij rustig. “Maar er is een juridische kwestie die eerst opgehelderd moet worden.”
De kerk werd doodstil.
Mark keek geschokt.
“Wat betekent dit?” vroeg Angelica nerveus.
De advocaat keek naar Rhea, die langzaam opstond.
“Drie jaar geleden,” begon Rhea kalm, “werd ik uit mijn huis gezet zonder enige financiële ondersteuning. Ik wist toen al dat ik zwanger was.”
Een golf van gefluister ging door de kerk.
“De scheiding was nog niet officieel afgerond,” vervolgde ze. “En volgens de wet is een man verplicht zorg te dragen voor zijn kinderen.”
Ze keek Mark recht aan.
“Dit zijn jouw zonen.”
De tweeling keek nieuwsgierig naar de volwassenen, niet begrijpend wat er gebeurde.
Angelica’s gezicht werd bleek.
“Dit is een grap,” zei ze scherp. “Dit kan niet waar zijn.”
Maar de advocaat schudde zijn hoofd.
“Er is een DNA-test uitgevoerd,” zei hij rustig. “Met toestemming van de rechtbank.”
Mark voelde hoe de grond onder hem wegzakte.
Hij herinnerde zich plotseling een brief die hij maanden geleden had genegeerd.
Een officiële kennisgeving.
Hij had gedacht dat het een poging was om geld af te troggelen.
Hij had het nooit geopend.
De priester legde zijn handen samen.
“Misschien,” zei hij voorzichtig, “is dit een moment om eerst verantwoordelijkheid te nemen voordat men nieuwe geloften aflegt.”
De kerk was niet langer een decor voor glamour.
Het was een spiegel geworden.
Angelica draaide zich naar Mark.
“Heb je dit geweten?”
Hij schudde langzaam zijn hoofd.
“Nee…”
Maar zijn stem klonk onzeker.
“Dus je hebt je zwangere vrouw op straat gezet?” vroeg ze scherp.
Niemand lachte meer.
Dezelfde gasten die eerder hadden gespot, keken nu weg.