Verhaal 2026 17 144

De rit naar de kust duurde iets meer dan drie uur.

Terwijl de winterzon langzaam lager zakte, voelde ik iets wat ik al jaren niet meer had gevoeld: rust.

Geen boodschappenlijstjes.

Geen stress over een te droge kalkoen.

Geen zorgen of iedereen wel tevreden zou zijn.

Alleen ik, de weg en het geluid van de oceaan dat steeds dichterbij kwam.

Ik had een kleine kamer geboekt in een rustig hotel aan het strand. Geen luxe resort, geen extravagante vakantie. Gewoon een plek waar ik kon wandelen, lezen en slapen zonder verantwoordelijk te zijn voor iemand anders.

Toen ik incheckte, glimlachte de receptioniste vriendelijk.

“Brengt u de feestdagen hier door?”

“Ja,” antwoordde ik.

“Dat klinkt heerlijk.”

Voor het eerst in lange tijd was ik het daar volledig mee eens.

Die avond at ik in een klein restaurant met uitzicht op zee. Buiten bewogen de golven rustig onder het maanlicht.

Niemand vroeg waar de extra servetten lagen.

Niemand vroeg wanneer het eten klaar zou zijn.

Niemand vroeg of ik nog even op de kinderen kon letten.

Ik bestelde een warme maaltijd, genoot van elk hapje en ging vroeg naar bed.

De volgende ochtend werd ik wakker van het geluid van meeuwen.

Ik zette koffie op mijn kamer en keek uit het raam.

Toen ging mijn telefoon.

Mijn dochter.

Ik liet hem overgaan.

Een paar seconden later volgde een bericht.

“Mam, waar ben je?”

Lees verder op de volgende pagina

Leave a Comment