Ik hield het kleine apparaatje even in mijn hand, alsof ik zelf nog één laatste moment nodig had om te beslissen of ik dit echt wilde doen.
Maar diep vanbinnen wist ik het al.
Niet vandaag begon dit.
Niet met die envelop.
Niet met Bianca.
Dit was jaren geleden begonnen.
Langzaam.
In stilte.
En vandaag… was alleen het einde.
Ik keek Alexander aan.
Hij stond daar nog steeds, verstijfd, alsof hij niet wist waar hij moest kijken. Naar mij. Naar zijn vrouw. Naar het geld op de grond.
“Ga zitten,” zei ik zacht.
Mijn stem was niet boos.
Dat was misschien het meest verwarrende van alles.
Hij gehoorzaamde automatisch.
Bianca niet.
Zij hield de envelop nog steeds vast, alsof die haar recht gaf om te blijven staan waar ze stond.
“Wat is dat?” vroeg ze scherp, wijzend naar het apparaatje.
Ik glimlachte licht.
“De waarheid,” zei ik.