De stilte in de vergaderzaal bleef nog enkele seconden hangen nadat de advocaat zijn woorden had uitgesproken. Het was geen gewone stilte – het was het soort stilte waarin iemand zich realiseert dat de wereld zoals hij die kende, voorgoed veranderd is.
Thomas keek van de advocaat naar mij, alsof hij wachtte tot iemand zou lachen en zeggen dat dit een misverstand was.
Maar niemand lachte.
“Dit is absurd,” zei hij uiteindelijk, zijn stem gespannen. “Dit moet een vergissing zijn. Vader zou dit nooit doen.”
Ik bleef hem aankijken, zonder mijn blik te verzachten.
“Je vader heeft dit heel bewust gedaan,” antwoordde ik rustig. “En hij heeft mij gevraagd het uit te voeren.”
Victoria legde haar telefoon neer, zichtbaar geïrriteerd.
“Met alle respect,” zei ze, “maar dit voelt als een emotionele beslissing. Je kunt iemand toch niet alles afnemen vanwege één gebeurtenis?”