En precies op dat moment gebeurde er iets onverwachts…
De stilte leek te trillen, alsof de kamer zelf even inhield wat er zou volgen. Karine hield haar adem in. Lucie’s kleine vingers sloten zich om het handje van haar zusje, een beweging zo zacht en toch zo doelgericht dat niemand het durfde te onderbreken.
“Het is gewoon een reflex,” fluisterde een jonge verpleegkundige, meer tegen zichzelf dan tegen de anderen. Maar haar stem klonk onzeker.
Karine voelde hoe haar hart sneller begon te kloppen. Ze had dit soort momenten eerder meegemaakt—momenten waarop hoop en realiteit met elkaar botsten. Maar er was iets anders aan dit moment. Iets dat zich niet zomaar liet verklaren.
Lucie bewoog opnieuw, dit keer iets krachtiger. Haar kleine borstkas ging op en neer, onregelmatig maar volhardend. Haar hand bleef stevig om die van Renée geklemd.
En toen…
Een heel lichte beweging.
Karine knipperde met haar ogen. “Hebben jullie dat gezien?” vroeg ze, haar stem nauwelijks hoorbaar.
Niemand antwoordde meteen. Alle ogen waren gericht op de twee fragiele lichaampjes in de couveuse.
Daar was het weer.
Een bijna onmerkbare trilling in Renée’s vingers.
“Wacht…” zei Karine, terwijl ze dichterbij kwam. Haar professionele instinct nam het over, maar haar handen trilden licht. Ze controleerde snel de monitoren. Niets. Geen duidelijke hartslag, geen ademhaling die geregistreerd werd.
“Het kan een spierreactie zijn,” zei de arts voorzichtig. “Dat gebeurt soms na—”