Verhaal 2025 6 121

Alleen die woorden waren genoeg om me weer adem te laten halen.

“Is hij gewond?”

“Ja.”

“Ernstig?”

“Niet levensgevaarlijk.”

De wereld voelde plots iets stabieler.

Maar slechts heel even.

Want de volgende vraag diende zich onmiddellijk aan.

“Wat wilde Daniel bekennen?”

Aaron keek om zich heen.

Alsof hij wilde controleren wie meeluisterde.

Daarna begeleidde hij me naar een politieauto die iets verderop stond geparkeerd.

We gingen niet naar binnen.

We stonden naast het voertuig.

De koude novemberwind trok door mijn jas.

“De afgelopen maanden,” begon hij, “hebben we onderzoek gedaan naar een reeks financiële fraudezaken in drie staten.”

Ik fronste.

“Wat heeft dat met mijn zoon te maken?”

“Meer dan we aanvankelijk dachten.”

Mijn hart begon opnieuw sneller te slaan.

Daniel werkte al jaren als financieel adviseur.

Hij was altijd nauwkeurig geweest.

Voorzichtig.

Verantwoordelijk.

Tenminste, dat dacht ik.

Aaron vervolgde:

“Uw zoon ontdekte vermoedelijk onregelmatigheden binnen het bedrijf waar hij werkte.”

“Onregelmatigheden?”

“Verdwenen investeringsgelden. Valse rapportages. Manipulatie van klantgegevens.”

Ik staarde hem aan.

“Daniel had daar niets mee te maken.”

“Dat geloven wij ook.”

Die woorden verrasten me.

Aaron leek mijn reactie te begrijpen.

“Wij denken juist dat hij probeerde het aan het licht te brengen.”

Ik keek naar het huis.

Naar de open deur.

Naar de agenten.

Naar de ambulance.

En ineens herinnerde ik me zijn telefoontje van die ochtend.

Mam, kom gewoon even langs. We moeten praten.

Niet omdat hij gespannen was.

Omdat hij bang was.

“Vanavond?” vroeg ik zacht.

Aaron knikte.

“Volgens informatie die wij hebben verzameld, wilde uw zoon vanavond documenten overhandigen.”

“Aan wie?”

“Onder andere aan zijn familie.”

Mijn maag draaide om.

“Waarom?”

“Voor het geval hem iets zou overkomen.”

Die woorden kwamen hard aan.

Veel harder dan ik had verwacht.

Want plotseling begreep ik dat Daniel al langer wist dat hij risico liep.

Veel langer.

“En wat is hier gebeurd?”

Aaron keek opnieuw naar het huis.

“Dat weten we nog niet volledig.”

Hij wees naar de voordeur.

“Maar iemand is hier binnengekomen voordat u arriveerde.”

Ik dacht aan Marissa.

Aan haar bebloede handen.

“Waar is mijn schoondochter?”

“Ze maakt het goed.”

“Wat gebeurde er met haar?”

“Ze probeerde uw zoon te helpen.”

Op dat moment kwam een andere rechercheur aanlopen.

Hij gaf Aaron een map.

Aaron bladerde er snel doorheen.

Toen keek hij op.

Zijn gezicht veranderde.

Niet veel.

Maar genoeg.

“Wat is er?” vroeg ik.

Hij antwoordde niet direct.

Hij keek eerst naar de woning.

Toen naar mij.

“Mevrouw Whitaker… kende uw zoon iemand genaamd Victor Hale?”

De naam zei me niets.

Ik schudde mijn hoofd.

“Moet die naam me iets zeggen?”

Aaron keek naar de map.

“Victor Hale was jarenlang financieel directeur bij Daniels bedrijf.”

“Was?”

“Hij heeft vorige maand ontslag genomen.”

Mijn hart sloeg opnieuw sneller.

“En?”

Aaron sloot de map.

Lees verder op de volgende pagina

Leave a Comment