Alexander voelde hoe de wereld om hem heen stilviel.
De camera’s klikten nog steeds, maar zachter nu. Aarzelend. Alsof zelfs de fotografen niet zeker wisten of ze dit moment wel mochten vastleggen.
Het kleine meisje hield hem stevig vast, haar armen om zijn benen geklemd. Haar gezicht was naar hem opgeheven, haar ogen groot, vol verwachting… en iets anders.
Herkenning.
Niet de oppervlakkige herkenning van een beroemd gezicht.
Maar iets diepers.
Iets wat hem onverwacht raakte.
“Papa,” herhaalde ze zacht, alsof ze bang was dat hij haar niet had gehoord.
Alexander kon nog steeds niet bewegen.
Zijn assistent zette een stap naar voren. “Haal haar weg,” fluisterde hij tegen een van de medewerkers.
Maar Alexander hief langzaam zijn hand.
“Wacht.”
Zijn stem was niet luid, maar hij had genoeg gewicht om iedereen stil te houden.
Hij keek naar het meisje.
“Hoe heet je?” vroeg hij, zijn stem zachter dan iemand hem ooit had horen spreken.
“Lina,” zei ze meteen.
Alsof ze al jaren op die vraag had gewacht.
“Lina…” herhaalde hij.
De naam deed niets… en toch alles.
“Waarom noem je me papa?” vroeg hij voorzichtig.
Het meisje fronste licht, alsof de vraag vreemd was.
“Omdat jij dat bent,” zei ze simpel.
Een paar mensen wisselden blikken uit. Iemand kuchte ongemakkelijk. De spanning was voelbaar.
Alexander knielde langzaam neer, zodat hij op ooghoogte met haar kwam.
Zijn hart bonsde.
“Wie heeft je dat verteld?”
Lina wees naar binnen, richting het gebouw.
“Zij.”
De directrice.
Alle ogen draaiden zich naar haar.
Ze stond daar, zichtbaar nerveus, haar handen ineengevouwen. Dit stond niet in het script. Dit hoorde niet bij een perfect geregisseerd bezoek.
Alexander stond weer op, maar deze keer zonder zijn gebruikelijke controle.